Tom Dumoulin heeft een probleem


MUR DE FRANCE


Door: Bert Wagendorp

‘Je grootste tegenstanders zitten vaak bij je in de ploeg,’ zei Jelle Nijdam onlangs tijdens een wieleravond in Doetinchem waar ik ook mocht aanschuiven. Hij vertelde hoe hij ooit een keer in een Touretappe – tegen alle ongeschreven regels en afspraken in – achter zijn ploeggenoot Frans Maassen was aangegaan. Nijdam won de rit, wat een verzachtende omstandigheid mocht heten – maar moest nog wel verantwoording afleggen bij Maassen.

‘Ik zag dat je moe was en nooit zou kunnen winnen,’ zei hij tegen zijn ploeggenoot. ‘Ik móest wel achter je aan.’ Maassen nam mokkend genoegen met die verzonnen verklaring.

Als je grootste tegenstander bij je in de ploeg zit, heb je een dubbel probleem: je moet de concurrentie uit de andere ploegen verslaan en daarnaast je ploeggenoot. Dat laatste wordt bemoeilijkt door het feit dat je bent gebonden aan de ploegdiscipline. Je moet dus iets verzinnen waarmee je die op slimme wijze ontwijkt zonder dat er meteen geweldige mot uitbreekt – het is daarbij handig wanneer je een beetje doortrapt type bent.

Een beroemd voorbeeld van een renner die door een ambitieuze ploeggenoot op listige wijze in problemen werd gebracht, is Greg Lemond in de Tour van 1986. Ploeggenoot Hinault wilde graag zijn zesde Tourzege binnenhalen, een prestatie die hem voorbij Anquetil’s en Merckx’ vijf Tourzeges zou brengen en legendarisch zou maken. De enige die in de weg stond was Lemond.

Hinault haalde alle wapens van de psychologische oorlogsvoering uit de kast om de Amerikaan onderuit te halen – tot en met een fake-vriendschappelijke aankomst op Alpe d’Huez. Lemond deed de laatste week van de Tour geen oog meer dicht en begon tekenen van achtervolgingswaanzin te vertonen. Behalve zijn eerste Tourzege hield hij aan de Ronde van 1986 een eeuwige haat jegens Hinault over.

Bradley Wiggins lastigste tegenstander in de Tour de France van 2012 zat ook in zijn eigen ploeg: Chris Froome. Die liet een paar keer nadrukkelijk zien dat hij sterker was dan zijn kopman, maar hield zich uiteindelijk aan de ploegafspraken. Froome was nog geen patron die het gerechtvaardigd achtte dwars door alles heen te rijden.

Dit weekend wordt duidelijk hoe het staat tussen Tom Dumoulin en Primoz Roglic. Het kan gebeuren dat Dumoulin in het hooggebergte de handdoek moet werpen; dan is het probleem uit de wereld. Het kan zijn dat Bernal zowel Roglic als Dumoulin te machtig is, en dan is er ook geen probleem.

Maar wanneer Dumoulin bij de Sloveen in het wiel blijft en Bernal minder sterk blijkt dan verwacht, ontstaan de contouren van een conflict. Dumoulin weet ook dat het weleens zijn laatste kans op de Tourzege kan zijn.

Roglic is op dit moment de eerste kopman bij Jumbo-Visma. Als Dumoulin desondanks wil winnen, moet hij een list verzinnen.

Hij kan hopen dat Roglic door het ijs zakt, een onzekere tactiek. Hij kan ook wachten op de tijdrit naar La Planche des Belle Filles en erop gokken dat hij in die klimtijdrit zijn achterstand kan goedmaken. Daarop zal Roglic de ploeg woedend verlaten, maar dat moet dan maar.

Dumoulin kan ook al eerder een manoeuvre uitvoeren die Roglic in problemen brengt. Je kunt in het wielrennen aanvallen onder het mom van een verdedigende actie.

Maar zoals gezegd: daar moet je een beetje doortrapt en gewetenloos voor zijn. En dat is Tom Dumoulin niet. Voor zover ik hem denk te kennen tenminste.

Maar misschien vergis ik me. Eerlijk gezegd hoop ik dat ik me vergis.


Photo JdM/PN/Cor Vos © 2020


Leave a Reply