ROGLIČ VERSUS DE STATISTIEKEN

 


Auteur: John Kroon

Primož Roglič is een bijzondere vogel in het peloton dat vandaag in Brest aan de 108ste Tour de France begint. Hij bereidde zijn wielercarrière voor door in 2011 hard van een skischans te vallen en nu heeft hij zich voor de Ronde van Frankrijk geprepareerd door sinds Luik-Bastenaken-Luik (25 april) geen enkele wedstrijd meer te fietsen.

Met hoogtestages en andere trainingsmethoden in de benen hoopt Roglič die andere Sloveen, alle Grenadiers en de resterende concurrentie voor te blijven in de finale strijd om de gele trui.

Misschien heeft hij gelijk, en is dit anno 2021 de ideale voorbereiding op de Tour in plaats van recente wedstrijdkilometers. Maar het nabije verleden wijst anders uit. De afgelopen tien jaar bleek het Critérium du Dauphiné nog altijd de beste koers als aanloop naar een Tourzege. Wie in de Dauphiné goed presteert, gooit een paar weken later hoge ogen in die andere Franse wedstrijd.

Ga maar na. Chris Froome won in 2013, 2015 en 2016 zowel de Dauphiné als de Tour. Toen hij in 2017 voor de (voorlopig?) laatste maal de gele trui naar Parijs bracht, was hij eerder vierde geëindigd in het Critérium du Dauphiné.

Bradley Wiggins (2012) en Geraint Thomas (2018) trokken eveneens in de Dauphiné en de Tour de gele truien over elkaar. Cadel Evans won in 2011 de Tour nadat hij als tweede was gefinisht in de Dauphiné. Maar misschien was de Dauphiné-winnaar van dat jaar, Wiggins, hem ook in de Tour wel voorgebleven als hij niet door een valpartij was uitgeschakeld. Dat laatste overkwam ook Andrew Talansky (2014) en Jakob Fuglsang (2017 en 2019) nadat ze in de Dauphiné het geel hadden veroverd.

Een uitzondering in deze opsomming is Egan Bernal. Hij won de Tour in 2019 en reed dat jaar niet in de Dauphiné. Maar wel, ook in juni, de Ronde van Zwitserland, die hij dan ook prompt winnend afsloot. Een tweede uitzondering is er een met een grote kanttekening. Daniel Martinez won vorig jaar de Dauphiné, schreef in de Tour daarna nog wel een etappe op zijn naam maar eindigde slechts als 28ste, mede als gevolg van een harde val in de eerste dagen. De kanttekening is dat Roglič de hele Dauphiné in zijn gele trui had geheerst, maar op de slotdag als gevolg van een blessure niet kon starten. Daarna werd hij tweede in de Tour, in die ronde zijn beste prestatie ooit. Zijn een na beste Tourprestatie, vierde in 2018, liet Roglič voorafgaan door een overwinning in het eindklassement van de Ronde van Slovenië. Ook al een etappekoers die juni, dus kort voor de Tour, wordt gereden. Tadej Pogačar, Tourwinnaar van 2020 (hij was vierde geworden in de Dauphiné) reed dit jaar de Ronde van Slovenië en won.

Dit alles doet uitzien naar de prestaties van Richie Porte, die dit jaar eerste werd in de Dauphiné, al lijkt er het erop dat hij in de Tour eerder een meesterknecht zal zijn voor een van de andere kopmannen van het ijzersterke Ineos-Grenadiers.

En het doet uitzien naar het presteren van Primož Roglič, die niet alleen zijn rivalen maar ook de statistieken moet verslaan.


Gedurende de Tour de France zal er in dit weblog dagelijks een column verschijnen, geschreven door John Kroon, Peter Ouwerkerk en Jeroen Wielaert

Leave a Reply