Michael Boogerd en de herinnering aan een gevoel dat voor altijd is verdwenen


Auteur: Bert Wagendorp

Vorige week waren zes voormalige topsporters bij elkaar in een kasteel in Dalfsen, voor het EO-programma ‘Meer dan goud’. Daarin zitten de deelnemers een week bij elkaar, en elke dag staat een van hen in het middelpunt en wordt hij of zij door de andere vijf ondervraagd over zijn carrière en of er meer was dan goud.

Ex-topsporters zijn doorgaans erg slechte interviewers en niet wezenlijk geïnteresseerd in anderen, maar dit keer ging ik toch even kijken: Michael Boogerd was een van de geselecteerden, samen met onder anderen de judoka Henk Grol, snowboardster Nicolien Sauerbrei, schaatsster Marianne Timmer en atleet Gregory Sedoc.

Na wat inleidend gedoe begon Boogerd over zijn loopbaan, aan een mooi gedekte eettafel.

Boogerd is inmiddels 50 en hij had zich voorgenomen eerlijk en open te praten over de periode na zijn afscheid in 2007. Tussen zijn dertiende en dat moment, zei hij, was hij een ‘trainingsbeest’ geweest en nu was er opeens niets meer.

Hij had een vrouw, geld, een kind, geld en een mooi huis en hij was van plan erg te gaan genieten van zijn nieuw verworven vrijheid. Toch donderde hij volledig onvoorbereid in het bekende zwarte gat.

‘Ik kon helemaal niet genieten,’ zei Michael, en dat zorgde weer voor een schuldgevoel ‘naar mijn zoontje toe’. Bovendien scheidde hij van zijn vrouw, wat voor nog meer schuldgevoel zorgde.

Toen werd het 2012 en kwam het rapport over Lance Armstrong uit dat de deksel van de beerput verwijderde. Daarop nam de druk op Boogerd toe om ook als dopinggebruiker uit de kast te komen toe. In de veronderstelling dat al zijn collega’s collectief naar buiten zouden treden en schoon schip zouden maken, bekende Boogerd tegenover Kees Jongkind dat ook hij jarenlang epo had gebruikt. 

Vervolgens bleef het stil, bijna al zijn maten zwegen als het graf en Michael Boogerd stond naakt in de wind en werd als de vaandeldrager van het wielrennen in het eerste decennium van de 21ste eeuw het Barbertje dat moest hangen. Hij stond voorop de Volkskrant, met bij zijn eigen portret de genadeloze tekst ‘Gezicht van een leugenaar’.

Michael Boogerd had intussen helemaal niet het idee dat hij verkeerd bezig was geweest, hij hield er volgens hem zelfs nog een zekere ethiek op na: bepaalde middelen nam hij niet. Het idee dat hij ‘een goeie wielrenner was geweest’ bleef overeind. Per slot van rekening gebruikte in zijn gloriejaren 95 procent van het peloton epo.

Maar toen kwam Thomas Dekker met zijn boek ‘Mijn strijd’. Daarin werd Boogerd ongevraagd afgeschilderd als een gebruiker, drinker en hoerenloper. Dat zorgde voor zijn definitieve val. ‘Het liefst had ik onder een steen willen verdwijnen.’ Zijn geest reageerde met paniekaanvallen, voor het eerst in mei 2018. Toen hij in oktober 2020 op weg was naar een uitzending van Studio Sport viel het doek: hij kon niet meer en liet zich zeven weken lang opnemen in een psychiatrische kliniek – misschien wel het dapperste besluit dat hij ooit had genomen.

Nu gaat het gelukkig weer goed met Michael Boogerd, de paniekaanvallen zijn verdwenen.

Wat het probleem is van veel succesvolle topsporters gaf hij haarfijn aan met een verwijzing naar de titel van het programma: ‘Er is niet meer dan goud. Er is niets mooiers dan winnen, dat gevoel ga je nooit meer terugkrijgen.’

De andere vijf knikten begripvol.

Vijftien jaar glorie in de sport en de rest van je leven heimwee naar wat weg is: het is een hoge prijs. 

Was Thomas Dekker aanwezig geweest, dan had hij volledig begrepen wat Boogerd bedoelde – misschien had hij wel enig schuldgevoel gehad.


Photo Tim van Wichelen/Cor Vos © 2018


‘Another Brick In The Wall’ is een serie columns van De Muur meesters zelve: Peter Ouwerkerk, Bert Wagendorp, John Kroon en Mart Smeets.

Leave a Reply