JE WORDT WELEENS MOE VAN ALAPHILIPPE


Auteur: John Kroon

Je kunt vanuit een luie positie, met de benen op tafel en het glas binnen handbereik, naar wielrennen op televisie kijken en toch doodmoe worden.

Dat is de schuld van Julian Alaphilippe.

Neem Luik-Bastenaken-Luik, zondag 4 oktober 2020.

Het ene moment zie je hem in het spoor van ploeggenoten als Dries Devenyns en Tim Declercq, ongeveer de meest loyale knechten die een kopman zich kan wensen. Dan zie je hem in zijn regenboogtrui voorin rijden en de indruk wekken dat hij de allersterkste is.

Dan ligt hij opeens op de grond.

Dan hangt hij bij de auto van zijn ploeg.

Dan wil hij een andere fiets.

————————————————–

————————————————–

Dan krijgt hij een andere fiets.

Dan, als zijn ploegleider hem op gang duwt, neemt hij de verkeerde zithouding aan.

Dan is hij weer terug bij de ploegauto, want er mankeert iets aan zijn schoen.

Dan wordt er geprutst aan die schoen die een klikprobleem heeft.

Dan is hij weer weg.

Dan meldt hij zich weer bij de auto, want hij wil een andere schoen.

Dan zie je hem fietsend een andere schoen aantrekken.

Dan is er iets dat ik vergeten ben.

Dan is er vast nog iets dat niet in beeld is geweest.

Dan zie je hem de achtervolging inzetten, want hij is natuurlijk op achterstand geraakt.

Dan zie je hem weer voorin en plaatst hij een demarrage bergop, zijn specialiteit.

Dan zie je hem in een kopgroep van vier en maakt hij ergens onderweg weer eens zo’n slingerende manoeuvre waardoor je denkt: straks maar even blazen, zo te zien is hij niet de Bob.

Dan is hij favoriet in de eindsprint.

Dan snijdt hij een medevluchter zodanig de pas af dat die zijn sprint niet kan voltooien.

Dan steekt hij al zijn handen in de lucht omdat hij ervan overtuigd is dat hij gaat winnen.

Dan wordt hij een halve seconde voor de eindstreep nog net ingehaald.

Dan begrijpt hij daar even niets van.

Dan wordt hij teruggezet naar plek vijf wegens die onreglementaire sprint.

Dan zie hem achter zijn mondkapje afdruipen.

Het is een woelwater op twee wielen. Het is een van de meest spectaculaire renners van het peloton. Aan hem kleeft het drama dat verhalen over wielrenners kleur geeft. De trui van de wereldkampioen staat hem goed.

Maar je kunt dus weleens doodmoe van hem worden.

Intussen leert deze periode dat de Tour de France niet alleen de belangrijkste koers van het jaar is, maar bovendien de ideale voorbereiding op klassiekers en andere wedstrijden in het najaar. Dat wisten we al een beetje van de Clásica San Sebastián, maar zo zout als in dit coronajaar zullen we het vermoedelijk en hopelijk nooit meer eten.

Het WK op 27 september: vier van de eerste vijf in de uitslag en de nummer zes hebben net de Tour de France achter de wielen. Onder wie de eerste twee van het eindklassement.

Waalse Pijl 30 september: Marc Hirschi, etappewinnaar in de Tour, zegeviert op de Muur van Hoei. Benoît Cosnefroy, dagenlang drager van de bergtrui in Frankrijk wordt tweede.

Luik-Bastenaken-Luik, 4 oktober: een viervoudige en op het eind even een vijfvoudige kopgroep bestaat geheel uit Tourdeelnemers, onder wie de winnaar van de gele trui, de nummer twee van het eindklassement en opnieuw Hirschi die in de Tour ook de Prijs voor de Superstrijdlust won. En dan hebben we Gent-Wevelgem, de Ronde van Vlaanderen en Parijs-Roubaix – onder veel meer – nog voor de boeg.

Het wordt hoog tijd voor een winnaar die niet aan de Ronde van Frankrijk heeft meegedaan. Mathieu van der Poel is er sterk genoeg voor. De beste renner onder de niet-Tourdeelnemers.

Nu maar hopen dat ze niet op het idee komen om de Tour de France, die ideale voorbereidingskoers, volgend jaar in maart te verrijden.


‘Another Brick In The Wall’ is een serie columns van De Muur meesters zelve: Peter Ouwerkerk, Bert Wagendorp, John Kroon en Mart Smeets.

photo: PdV/PN/Cor Vos © 2020


photo: Dion Kerckhoffs/Cor Vos © 2020


photo: PdV/PN/Cor Vos © 2020


photo: Dion Kerckhoffs//Cor Vos © 2020


photo: Dion Kerckhoffs//Cor Vos © 2020


photo: Jan VandewalleCor Vos © 2020


 

Leave a Reply