Het tijdperk Pogačar

Auteur: John Kroon

Photo: Nico Vereecken/PN/Cor Vos © 2022


Je bent 23 en hebt al tweemaal de grootste wielerwedstrijd ter wereld gewonnen, je hebt een aardig optrekje in Monaco, zojuist heb je in je gele trui de tweede achtereenvolgende etappezege behaald in de Tour de France, je liet in de laatste meters van een steile en deels onverharde berg zien dat je zelfs dan nog over een onwaarschijnlijk snel beentempo beschikt en dan staat op de top daarvan, op een berg die ook nog eens La Planche des Belle Filles heet, je vriendin klaar om je innig te omhelzen.

Dat mocht ook wel, want ze hadden elkaar zeker drie weken niet gezien. Urška Žigart, die vriendin, tweevoudig kampioen tijdrijden van Slovenië, beoefent ook beroepsmatig de wielersport (bij BikeExchange), dus dat maakt het in een groot deel van het wielerseizoen dubbel lastig om lief en leed lijfelijk met elkaar te delen. Dan moet je de schaarse kansen grijpen.

Hoe dan ook: het leven lacht Tadej Pogačar toe en je ziet hem vaak teruglachen.

Wielerliefhebbers die van spannende klassementswedstrijden houden, in het bijzonder van een opwindende strijd om het geel in de Tour de France, zijn minder opgetogen. Zij vrezen dat na het licht erotische tijdperk Anquetil, het imponerende tijdperk Merckx, het autoritaire tijdperk Hinault, het saaie tijdperk Indurain, het betreurenswaardige tijdperk geen winnaar en het afgunst opwekkende tijdperk Sky, nu het tijdperk Pogačar is aangebroken.

Dat het dus al zo’n beetje bij voorbaat vaststaat wie de Tour de France zal winnen. Namelijk die Sloveen, aan wie je je niet eens kunt ergeren, want hij maakt ook nog een sympathieke indruk. Dat hij een stichting heeft opgericht waarvan de opbrengst naar kankeronderzoek gaat, zoals hij gisteren na de etappe bekendmaakte, draagt bij aan die gunfactor.

En in de huidige Tour blijkt hij dan gewoon over een ploeg te beschikken die vooralsnog prima in staat is de gele trui op gepaste wijze te verdedigen, haar kopman goed in de luwte weet te houden, kortom lang niet zo slecht is als hier en daar vooraf werd gesuggereerd. Trouwens, hoe kan een team met renners als Majka, McNulty, Soler, Bennet (George) en, als hij zijn vorm terugvindt, Hirschi, eigenlijk niet goed zijn?

Het onvermijdelijke tijdperk Pogačar dus? Kan best. Hoeft niet. Kijk eens wie er niet meedoen: Egon Bernal. Richard Carapaz. De Belgische hoop voor later Remco Evenepoel. Jai Hindley. Toekomstige rivalen in toekomstige Rondes, ze zijn nog jong genoeg.

En kijk ook naar het optreden van Jumbo-Visma gisteren. Hoe krachtig Jonas Vingegaard klom, hoe wonderbaarlijk goed eigenlijk Primož Roglič reed, nadat twee dagen eerder nog zijn arm uit de kom was geschoten. Die deze voormalige skispringer eigenhandig, zittend op straat en door hard een knie te omklemmen, wist terug te duwen. Jaloersmakende zelfredzaamheid.

Zie ook hoe INEOS met vier man bijna sluipenderwijs bij de eerste tien in het algemeen klassement gerangschikt staat, van wie de 36-jarige Geraint Thomas aan zijn tweede jeugd lijkt te zijn begonnen.

Dus, wielerliefhebbers, we zijn pas op een derde van de Tour. Het kan nog alle kanten op.

Schreef hij tegen beter weten in.


De Tourcolumn door Bert Wagendorp, John Kroon en Jeroen Wielaert.

Photo: Nico Vereecken/PN/Cor Vos © 2022


Leave a Reply