Het gevecht van Michael Boogerd

Afscheid Michael Boogerd met Thomas Dekker – foto Jos Vaessens/Cor Vos ©2007


Auteur: John Kroon

In de vorige week verschenen editie van De Muur staat de weergave van een uitvoerig gesprek dat Bart Jungmann voerde met Thomas Dekker. Aanleiding is het nieuwe boek dat de ex-wielrenner liet schrijven, maar ook komt Dekkers vorige boek ter sprake: Mijn Gevecht, uitgekomen in 2016, 250 duizend exemplaren verkocht, in acht talen afgedrukt.

Je zou kunnen zeggen: met boeken is Thomas Dekker succesvoller dan hij als wielrenner was. Dekker was openhartig in het boek, over zichzelf maar ook over zijn voormalige collega’s. Té openhartig vond menigeen. Het liet zich als een afrekening lezen. Geen enkele renner maakte ooit zo rigoureus schoon schip, constateert Jungmann. Dekker deed het met naam en toenaam. ‘Welke collega hem op het spoor van bloedzakken had gezet. Welke collega hem, bij wijze van ontgroening, een hoteldoekje had toegeworpen voor een potje zelfbevrediging.’ Als ooit zoiets als ‘het geheim van de kleedkamer’ werd geschonden, was het nu wel. Het boek heeft zijn nut: jonge renners kunnen ervan leren hoe het niet moet. ‘Mijn gevecht,’ zei Dekker, ‘is het beste dat me tot nu toe is overkomen.’ Dat is dan een schril contrast met de ervaring van zijn vroegere ploeg- en kamergenoot Michael Boogerd.

Dat boek is ‘toch wel het ergste wat ik heb meegemaakt in mijn leven,’ zei Boogerd vorige week in het Algemeen Dagblad. Dekkers ontboezemingen hebben flink bijgedragen aan de negatieve spiraal die de laatste jaren het leven van Michael Boogerd is binnengedrongen, de man die altijd zo tobt over het beeld dat de buitenwacht van hem heeft. Die niet de vrolijke Haagse Frans is die hij zo vaak lijkt, maar ‘best een prakkiseerder’ is, zoals hij AD-journalist Daan Hakkenberg liet weten. Die prakkiseerder heeft jaren achter de rug van paniekaanvallen, therapieën, psychische bijstand, het slikken van antidepressiva en kalmeringsmiddelen, een zeven weken durend verblijf in een GGZ-kliniek in Epen. Soms dacht hij dat hij doodging, een andere keer dat hij gek werd. Zijn eigen bekentenis dat hij net als Dekker een dopinggebruiker is geweest, hakte erin bij Boogerd. Door te stoppen met wielrennen verloor hij een deel van zijn identiteit, denkt hij. En toen verscheen Mijn Gevecht.  ‘Daar is de afdaling ingezet. Dat boek had een grotere impact dan mijn dopingbekentenis.’ ‘Michael hangt van nature meer aan het verleden,’ zegt Thomas Dekker in De Muur, ‘en blijft daar ook hangen omdat hij het liefst nog een keer wat wil rechtzetten.’ Boogerd in het AD: ‘Toen dat boek uitkwam, was ik alleen maar bezig met hoe ik wraak kon nemen. Hoe kon ik het juiste beeld van mezelf scheppen?’

Op 19 september 2020 had er een ongemakkelijke ontmoeting plaats tussen Boogerd en Dekker. In De Avondetappe analyseerden ze een etappe in de (wegens corona uitgestelde) Tour de France, de tijdrit naar en op de Planche de Belle Filles en het verlies daar van Primoz Roglic. Hij zal het niet hebben gezegd. Misschien heeft Boogerd het wel gedacht over die ander in de tv-studio.

Jij matennaaier.

Twee weken na de uitzending, blijkt nu, liet Boogerd zich opnemen in die Limburgse kliniek. Andere patiënten dachten: leuk, we gaan met hem fietsen. De artsen zeiden dat hij moest leren nee te zeggen. Inmiddels volgt Michael Boogerd bokstraining. Hij gaat iemand proberen te slaan, voor de show. Tegenstander is Dan Karaty. Dat is geen ex-wielrenner, maar een ex-danser.

 

Thomas Dekker en Michael Boogerd – foto Marketa Navratilova/Wessel van Keuk/Cor Vos ©2007

.


‘Another Brick In The Wall’ is een serie columns van De Muur meesters zelve: Peter Ouwerkerk, Bert Wagendorp, John Kroon en Mart Smeets.

Leave a Reply