EVENEPOEL EN HET WIELER-ABC


Auteur: John Kroon

Het Europees kampioenschap wielrennen schijnt in Nederland niet erg te leven, maar wie zondag de koers in Trento, Noord-Italië, heeft gezien, zal niet begrijpen waarom dat zo is.

Een ijzersterk deelnemersveld – hoe vaak tot nu toe zagen we in een en dezelfde wedstrijd Tadej Pogacar en Remco Evenepoel met elkaar duelleren en met nog een hele reeks toprenners? Maar weinig klassiekers kenden in 2021 zo’n sterke bezetting.

Een koersverloop dat geen seconde verveelde, het werd een van de meest boeiende wedstrijden van dit wielerjaar. De ene kopgroep na de andere die een handvol seconden kreeg op een parcours dat voldoende mogelijkheden bood om al snel uit het zicht van achtervolgers te raken.

Tot er een kopgroep ontstond met, misschien op de Noor Markus Hoelgaard na, louter gekende renners. En met een vooraanstaande knecht, de Belg Ben Hermans, die een voorbeeldige rol vervulde – al was het achteraf tevergeefs nu Remco Evenepoel slechts het zilver behaalde tot zijn zichtbare frustratie.

Een koers die ook voldoende materiaal bood voor liefhebbers van wielren-suspense. Want net als bij een wereldkampioenschap was er steeds weer die vraag: botst het landsbelang niet met het commerciële belang van het team waar een renner zijn dagelijkse, dikwijls buitengewoon goed belegde boterham verdient? Zo reden er drie renners van UAE in de laatste kopgroep (de Sloveen Pogacar, de Zwitser Hirschi en de Italiaan Trentin), dus de vraag was: wie helpt wie en waarom?

Uiteindelijk kwam de winnaar uit die andere Arabische equipe. Sonny Colbrelli rijdt voor Bahrein-Victorious en zijn landgenoot, UAE’er Trentin, stak er in eigen land de handen voor in de lucht. De 31-jarige Colbrelli gaf de tien jaar jongere Evenepoel, de Belg die vermoedelijk de sterkste in koers was maar Colbrelli op de laatste klim niet kon losrijden, een lesje in tactiek: je moet weten wanneer je op kop moet rijden en vooral ook wanneer je dat níét moet doen.

Tegelijkertijd imponeerde Evenepoel en dat was aangenaam om te zien, één jaar en een beetje nadat hij die dramatische val had gemaakt, ook in Noord-Italië, in een afdaling in de Ronde van Lombardije.

Wat daalcursussen volgen en wat meer inzicht in het wieler-abc verwerven, zoals tv-analist José De Cauwer dat noemde toen Evenepoel zich opwond over het geplak van Colbrelli aan zijn achterwiel, en hij kan volgend seizoen zijn palmares aanzienlijk opfleuren.

Op Bauke Mollema na, die in elk geval nog een bijrol speelde, in de achtervolging op de laatste kopgroep, leek het alsof de Nederlandse renners het wel eens waren met de stelling dat het EK in hun eigen land niet leeft. Bondscoach Koos Moerenhout vertelde in het AD dat hij de afgelopen periode wel veel vragen over het WK heeft gekregen, maar niet over het EK. Dat vond hij veelzeggend.

Punt dit jaar was ook de datum: twee weken voor het wereldkampioenschap was het Europees Kampioenschap op de weg op die tjokvolle wielerkalender gepropt. Corona heeft er onvermijdelijk voor gezorgd dat Parijs-Roubaix dit jaar een najaarsklassieker is, maar een regel zou toch moeten zijn dat er iets van een halfjaar tussen EK en WK zit.

Een Nederlander fietsend in die blauw-witte trui met gele sterren kan er dan allicht voor zorgen dat deze titelrace hier ook leeft als hij niet in Alkmaar (zoals in 2019) wordt verreden.

Al spoedig te bezichtigen: Ellen van Dijk in dit tenue. Als geen ander liet zij zaterdag in Trento zien hoe ook iemand met de Nederlandse nationaliteit voor een indrukwekkende EK-koers kan zorgen.


‘Another Brick In The Wall’ is een serie columns van De Muur meesters zelve: Peter Ouwerkerk, Bert Wagendorp, John Kroon en Mart Smeets.


Fotografie: Cor Vos

 

 

 

 

Leave a Reply