DE WIELRENNER VAN DE EEUW


Auteur: John Kroon

Dat Tom Dumoulin in Nederland opnieuw tot Wielrenner van het Jaar is gekozen zal niemand verbazen en dat hij ook is uitgeroepen tot Limburgs wielrenner van 2018 kan evenmin als opzienbarend worden beschouwd.

   Maar hoe staat het met zijn kansen om wereldwijd Wielrenner van de Eeuw te worden?

   Dan moet hij nog heel wat kilometers afleggen. Gelukkig heeft de 21ste eeuw nog vele jaren in het verschiet.

   Hoe word je dat eigenlijk, Wielrenner van de Eeuw?

   Door goed te scoren op de eeuwige wereldranglijst die de website procyclingstats.com bijhoudt:
   KLIK HIER

   Prestaties leveren daarop punten op. Dit klassement, waarop vijfduizend wielrenners staan vermeld, wordt uiteraard aangevoerd door, ja, inderdaad. Hij is vermoedelijk de enige baron op die stand en lijkt onbereikbaar, al is in het licht van de eeuwigheid niets onmogelijk. De edelman wordt gevolgd door Francesco Moser en Jacques Anquetil.

   De lijst wordt afgesloten door een andere Belg, Alain Van den Bossche. Dat heeft hij met zijn enige overwinning, de nationale titel in 1993, niet kunnen voorkomen. Laagst scorende Nederlander is Tom Stamsnijder (plek 4993) en we weten sinds kort dat hij er geen enkel punt meer bij zal krijgen. Dat maakt hem niet tot de slechtste prof: je moet wel eerst een resultaat boeken om bij die vijfduizend te kunnen komen. (Lees meer over Stamsnijder volgende maand in De Muur.)

   De beste Nederlander op de lijst van alle tijden is Joop Zoetemelk, veertien plaatsen achter nummer één.

   Filter nu zelf uit deze lijst de renners die in de 21ste eeuw actief zijn of waren en zie het resultaat: van hen is Alejandre Valverde voorlopig – alles op de lijst is voorlopig – de beste. Hij is dat trouwens ook op de wereldranglijst van de UCI over 2018.

   Tot nader order is Valverde (38) de Wielrenner van de Eeuw.

   Een bewijs dat je de beste of in elk geval de best scorende renner kunt worden door maar lang genoeg door te gaan met fietsen. Dan kun je je zelfs een gemist jaartje wegens dopingschorsing veroorloven. Op de eeuwige rangschikking staat Valverde achtste. Boven hem zeven twintigste-eeuwse renners.

   Een late dopingbekentenis achteraf kan dus grotere gevolgen hebben dan een positief uitgevallen controle. Lance Armstrong staat 112de. Hij heeft volgens deze telling dan ook nooit de Tour de France gewonnen, alleen twee etappes, in 1993 en 1995. Armstrong moet op de lijst zijn landgenoot Greg LeMond laten voorgaan – zonder twijfel tot groot genoegen van laatstgenoemde.

   Boeiend is dat Rik Van Looy in 2018 van de twaalfde naar de zevende plaats is gestegen; kennelijk zijn er archeologische vondsten gedaan die tot de ontdekking van vergeten uitslagen hebben geleid. Mariano Cañardo, een Spanjaard die actief was in de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw, klom dit jaar van 367 naar 105.

   In de 21ste eeuw wordt Valverde gevolgd door Laurent Jalabert, die na het millennium nog twee jaar rondreed en volgens dit zojuist vastgestelde reglement zijn punten uit de 20ste eeuw mocht meenemen, net als nummer drie: Erik Zabel. Zij vormen dus geen bedreiging meer voor Valverde, maar op vier staat, met stip, Peter Sagan. Die is dit jaar Tom Boonen gepasseerd. Beste 21ste-eeuwse Nederlandse renner is Erik Dekker, nummer 124 op de eeuwige ranglijst. Ook hij is uitgeteld.

   En dan kom je op plaats 177 als tweede Nederlandse renner uit de 21ste eeuw Tom Dumoulin tegen. Op de eeuwige ranglijst staan nog elf landgenoten voor hem, maar Michael Boogerd, Steven Rooks en Johan van der Velde is Dumoulin dit jaar al voorbijgefietst. Dat heeft hij vast niet doorgehad. Op de lijst met nog actieve Nederlandse renners staat Niki Terpstra tweede en Bouke Mollema derde.

   Op deze ranglijsten en zeker op de puntentellingen is vanzelfsprekend van alles af te dingen. En gelukkig maar, want dat biedt veel vrolijke of ergerniswekkende en natuurlijk ook ietwat zinloze discussiestof. Hoort Gerrie Knetemann boven Jan Janssen te eindigen? Herman Van Springel boven Johan Museeuw?

   In de statistieken van Pro Cycling Stats tellen alleen wedstrijden uit categorie 1 en hoger mee. Jammer voor de Ronde van Surhuisterveen. Wie in een eendagskoers of in een algemeen klassement bij de top-tien eindigt of in een etappe bij de top-drie, scoort punten. Groene trui, bergklassement, ze doen er blijkbaar niet toe.

   Maar ook op de jaarlijkse ranking van de UCI valt genoeg aan te merken. Dat bleek uit een artikel van data-analyticus Sam Planting in De Muur, editie 61 (juni 2018). Hij ontdekte dat de eerste plaats in de Prudential Ride Londen-Surry Classic meer punten voor de World Tour oplevert dan de achtste plaats in het eindklassement van de Tour de France. Nog absurder: een negende plaats in de Grand Prix van Québec scoorde hoger dan een etappezege in Tour, Giro of Vuelta. (Goeie pubkwisvraag: wie won de Prudential Ride Londen-Surry in 2018? Antwoord: Pascal Ackermann. Daniel Martin werd achtste in de Tour. Michael Valgren negende in Québec.)

   Dus, wie nog een bezigheid zoekt voor de kerstdagen, oudejaarsavond en/of de week daartussenin kan een eigen puntenwaardering samenstellen, die toepassen op alle wedstrijden die hij of zij zelf van belang acht, daarbij desgewenst ongegeneerd chauvinistisch te werk gaan, en moet hier vooral de tijd voor nemen. Wie weet komt er dan wel een andere Wielrenner van de Eeuw uit de bus en stijgen Alain Van den Bossche en Tom Stamsnijder op de eeuwige ranglijst.

   Wordt vervolgd, tot en met het jaar 3000.


‘Another Brick In The Wall’ is een serie columns van De Muur meesters zelve: Peter Ouwerkerk, Bert Wagendorp, John Kroon en Mart Smeets.


 

Leave a Reply