Auteur: Bert Wagendorp

Primoz Roglic moet het in de komende Giro stellen zonder meesterknecht Robert Gesink. Gesink viel in Luik-Bastenaken-Luik en brak een sleutelbeen en zijn bekken. Eerder werd bekend dat Tom Dumoulin het in Italië zonder zijn eerste man Wilco Kelderman zal moeten doen. Kelderman kwam begin april ten val in de Ronde van Catalonië en brak een sleutelbeen en een nekwervel.

   De val doorkruist in het wielrennen zorgvuldig opgestelde schema’s en zekere routes naar succes en slaat dromen aan gruzelementen. Bij Jumbo Visma en Sunweb wisten ze precies hoe ze straks de roze trui moesten veroveren, maar daarbij was geen rekening gehouden met de val.

   De val is het noodlot dat voortdurend boven de tot in detail uitgekiende plannen hangt. Je kunt het dieet van een renner in microgrammen nauwkeurig afstemmen op zijn fysieke behoeften, je kunt zijn trainingsprogramma seconden- en wattagegewijs in elkaar steken. Je kunt jezelf ervan overtuigen dat je alles in de hand hebt – tot De Val die illusie als een hakbijl aan mootjes slaat.

   Toen de Britse premier Harold McMillan ooit werd gevraagd wat de grootste moeilijkheid van zijn beroep was, antwoordde hij: ‘Events, my dear boy, events.’ Gebeurtenissen. Plotseling opduikende voorvallen die in een seconde alles veranderen en die je dwingen al je mooie voornemens te herzien. De val is zo’n gebeurtenis die in geen enkel plan past. De val zal zich voordoen, dat weet elke ploegleider zeker, maar hij kan er niet op anticiperen, zoals een mens niet kan anticiperen op het noodlot dat in zijn leven ongetwijfeld een keer zal toeslaan. Je weet niet wanneer, je kent de gevolgen niet, het is afwachten.

   Wielrennen is geen blessuregevoelige sport – behalve wanneer je de val meerekent. Elke renner smakt tijdens het seizoen wel een keer flink tegen de stenen en dan is het maar afwachten wat de gevolgen zijn. Een val met als gevolg een paar schaafwonden vinden ze in het wielrennen een ‘val zonder erg’ en vandaar gaat de ernstigheidsgraad geleidelijk omhoog, van een simpele breuk in het sleutelbeen – het meest kwetsbare bot in een rennerslijf – naar erger.

   Het nare van de val is dat het elke keer een fatale kan zijn. Wielrennen is de laatste van de levensgevaarlijke sporten. De wielrenner is geneigd de val te zien als een onderdeel van zijn vak, maar daarbij gaat hij ervan uit dat hij na een smak gewoon zijn fiets weer opraapt en de aansluiting met het peloton herstelt. Dat de val een einde kan maken aan zijn leven als wielrenner – of zelfs aan zijn leven als zodanig – daar staat hij niet bij stil. Dat mag ook niet: het zou de uitoefening van zijn beroep onmogelijk maken.

   De Nederlandse schaatstrainer Henk Gemser verklaarde ooit dat vallen geen pech was, maar een fout. In het wielrennen wordt de val doorgaans ook gezien als pech. Maar onderzoek naar de val zou uitwijzen dat er heel vaak sprake is van een menselijke fout. Het belangrijkste argument voor die hypothese: terwijl de kans op pech voor elk individu precies even groot is, vallen sommige renners vaker dan andere en gemiddeld ook harder en met ernstiger gevolgen.

   Robert Gesink en Wilco Kelderman bijvoorbeeld. Gesink en Kelderman zijn niet de pechvogels die wielerjournalisten van hen maken. Zij maken meer dan andere renners fouten die leiden tot een val. Ze zouden moeten trainen op het voorkomen ervan en – als dat niet het gewenste effect heeft – op het breken van de val.

   Gemakkelijk gezegd, ik weet het. De val is niet altijd degene die valt toe te rekenen, hij kan ook door iemand anders worden veroorzaakt of door het materiaal. Maar de val is geen natuurverschijnsel, hij is een logisch gevolg van verkeerde beslissingen, en moet dus met de logica worden bestreden.

    Ik ben een fan van Wilco Kelderman en ik zie hem nog weleens iets groots winnen – maar dan moet het eerst beter met De Val.


‘Another Brick In The Wall’ is een serie columns van De Muur meesters zelve: Peter Ouwerkerk, Bert Wagendorp, John Kroon en Mart Smeets.

Leave a Reply