Nieuwe held Degenkolb keert terug naar DSM en stelt een acteercarrière nog even uit


Auteur: Bert Wagendorp

John Degenkolb keert terug naar DSM, de ploeg, toen nog Giant-Alpecin, die hij aan het eind van 2016 verliet. Degenkolb (winnaar van Milaan-San Remo en Parijs-Roubaix) is nu 32 en denkt nog minstens drie goede jaren voor de boeg te hebben. Wat mooi uitkomt, want hij heeft voor drie seizoenen getekend bij de ploeg van Iwan Spekenbrink.

John Degenkolb had ook iets anders kunnen gaan doen. Hij had bijvoorbeeld acteur kunnen worden. Ik ben bezig met het scenario van een film die zich afspeelt in het wielermilieu van de jaren twintig van de vorige eeuw, en daarin had ik een rol in gedachten voor Degenkolb. Aan zijn uiterlijk hoeft niet eens zo heel veel te worden veranderd: John Degenkolb ziet eruit als een wielrenner van een eeuw geleden.

En hij kan acteren – dat wil zeggen dat hij helemaal niet hoeft te acteren, het volstaat dat hij gewoon zichzelf speelt. (In deze film tenminste, wanneer John de nieuwe James Bond wordt liggen de zaken natuurlijk anders.)

Dit weet ik omdat ik de documentaire van Dirk-Jan Roeleven, Nieuwe Helden uit 2014, minstens tien keer heb gezien en al die keren gefascineerd was door één man: John Degenkolb.

Nieuwe Helden gaat over de Tour van 2013 en Argos-Shimano, een andere naam voor dezelfde ploeg. De hoofdrollen zijn weggelegd voor Marcel Kittel, de sprinter die vier etappes wint, en Tom Veelers, die de rol van tragische held voor zijn rekening neemt nadat hij ten val is gebracht door Mark Cavendish.

Maar de absolute ster van de film was John Degenkolb.

Nieuwe Helden werd gemaakt in de periode waarin het wielrennen trachtte los te komen van de rampzalige naweeën van de epo-jaren, het Armstrong-schandaal en de ondergangsstemming die daarvan het gevolg was. Het was klaar met de sport, was de breed gedeelde opvatting, de geloofwaardigheid was vernietigd en het leek slechts een kwestie van tijd voor de laatste sponsor zou zijn vertrokken.

Nieuwe Helden heette niet voor niets zo. Argos-Shimano wás het nieuwe wielrennen, en dat moest nieuwe helden voortbrengen om te kunnen overleven.

John Degenkolb was de personificatie van die vernieuwing, en dat bracht hij naar voren in een paar schitterende monologen.

‘Ich bin sauber und ich fahre sauber,’ zei hij bijvoorbeeld, op zo’n geloofwaardige manier dat je onmiddellijk bereid was hem te geloven, al was dat laatste juist het probleem. ‘Maar hoe breng ik de mensen ertoe mij te geloven?’ Het was op dat moment het dilemma van elke wielrenner: ze werden niet meer geloofd, ook al waren ze zo schoon als een baby. Je kon aan Degenkolbs ogen zien hoe hij gebukt ging onder dat wantrouwen.

In een andere scène die me is bijgebleven en die me voorgoed voor hem innam, zien we Degenkolb op zijn bed liggen, terwijl hij filosofeert over zijn merkwaardige beroep. Dat vergelijkt hij met het vak van huursoldaat in het Vreemdelingenlegioen. ‘Wij krijgen geld om anderen pijn te doen.’

Ook het komische genre bleek Degenkolb perfect te beheersen. Nadat zijn maatje Kittel de eerste etappe en de eerste gele trui heeft gewonnen in een chaotische etappe op Corsica. Er staat een teambus klem onder het finishdoek, waardoor het erop lijkt dat de streep naar voren moet worden gehaald. Nadat de bus toch nog is weggesleept, verandert dat weer en roept ploegleider Kemna in de oortjes van de renners de historische woorden: ‘The finish is at the finish line!’

Degenkolb komt na de finish met stoom uit zijn oren de teambus binnen: hij heeft alleen de laatste aanwijzing van Kemna gehoord en vraagt zich hardop af waarom Kemna rondtoeterde dat de finish op de meet ligt.

Hij doet dat met de briljante timing en de intonatie van een groot komisch acteur. Ik kreeg in elk geval tien keer de slappe lach.

Ik vrees dat we voor de film op zoek moeten naar een vervanger van John Degenkolb. Professioneel wielrenner en acteur gaan niet samen.

Jammer, ik weet zeker dat John de film tot een kaskraker zou hebben gemaakt.

Maar mooi dat hij terugkeert op het oude nest. Er gebeurden de laatste seizoenen merkwaardige dingen bij DSM, renners als Benoot en Storer werden gek van het strenge regime van Spekenbrink en zochten hun heil elders.

Met John Degenkolb keren de luchtige filosofie en de humor terug bij DSM. Dat is broodnodig, ze zijn daar al te serieus.


‘Another Brick In The Wall’ is een serie columns van De Muur meesters zelve: Peter Ouwerkerk, Bert Wagendorp, John Kroon en Mart Smeets.


Leave a Reply