Auteur: John Kroon
Waar je vrolijk van wordt tijdens de Tour de France als je je niet te veel stoort aan het gebrek aan spanning in het algemeen klassement?
Van Uno-X en van Quinn Simmons.
Wie Uno-X hoort denkt in Nederland al gauw aan rookworst en andere non-vegetarische producten uit Oss, maar het gaat om een bedrijf in elektrische laadpompen, autowasstraten en dergelijke. En vooral: het is de sponsor van een wielerploeg die in de Tour en al eerder dit seizoen voor een frisse aanblik in het peloton zorgt en dit jaar doordrong tot de elite van de WorldTour.
De dertig mannen die deel uitmaken van het team zijn allen Scandinavisch: Noren en Denen. Overeenkomstig de doelstelling van Uno-X: het ontwikkelen en stimuleren van Scandinavisch wielertalent. Dat lukt dus heel aardig. Torstein Traeen, genezen van teelbalkanker, droeg in deze Tour de gele trui, Søren Wærenskjold won een etappe en Tobias Halland Johannessen, gemakkelijk te verwarren met zijn tweelingbroer Anders, kan als gekend klimmer de komende dagen zijn slag slaan. Eerder dit jaar al viel Andreas Leknessund op met twee tweede plaatsen in de Giro.
[Tekst loopt verder onder de afbeelding]
En dan te bedenken dat Ajax model heeft gestaan voor de ambities van Uno-X. Dat vertelde toenmalig manager Jens Haugland een paar jaar geleden aan Wielerflits. ‘Ajax heeft nu al vijftig of zestig jaar lang hun eigen systeem dat zich toespitst op opleiden en ontwikkelen. […] Kijk eens rond op de Europese velden hoeveel goede voetballers uit de Ajax-school komen. Hopelijk kunnen we over tien jaar terugkijken en concluderen dat we met Uno-X hetzelfde hebben gedaan.’ (Bij PSV zullen ze nu wel zeggen: maar met Evenepoel hebben wij toch mooi een van de beste wielrenners getraind.)
Het is niet louter dankzij Uno-X, maar een feit is dat het Scandinavische wielrennen op de wereldranglijst over dit jaar met vier Denen en één Noor bij de top twintig uitstekend is vertegenwoordigd. Nederland slechts met één renner. (Eén keer raden wie.) Je zou er jaloers op worden. Mocht Visma | Lease a Bike erin slagen Paul Seixas aan te trekken, dan weet Jonas Vingegaard (ook een Deen) alvast een leuk alternatief voor hemzelf, lekker dicht bij huis en gezin.
Quinn Simmons is op het eerste gezicht een halvegare. Begon eerder in zijn leven met skiklimmen, een sport waarbij de skiër met zijn latten niet alleen omlaaggaat, maar eerst omhoog moet. Nu is hij een wielrenner met krullend haar tot op de schouders, een snor, bakkebaarden en nog meer haar op de wangen. Ook nog gekleed in het tenue van de Amerikaanse kampioen. Als iemand in het peloton geen bijschrift nodig heeft, is hij het wel. Ook nog omstreden, want verdacht van racistische uitingen (ten onrechte, vindt hijzelf) en daarom geschorst geweest. Bovendien uitgesproken aanhanger van Trump en daar word je in grote delen van Europa niet populair mee.
Deze Tour viel hij meermaals op. Door de high fives die hij tijdens de koers aan zijn vader en aan een dubbelganger gaf. Maar bovenal door zijn strijdlust. Door zijn herhaalde aanwezigheid in ontsnappingen, waarvan één keer solo, door zijn hulp aan Mads Pedersen (nog een Deen) bij de (tussen)sprints, door zijn dienstbaarheid aan zijn ploeggenoten Ayuso en Sjkelmose (hé, weer een Deen). Met noodgedwongen veronachtzaming van eigen kans op succes.
Simmons is een renner met een leeuwenhart, al zit dat buiten de koers misschien op de verkeerde plaats.

Foto: Cor Vos
