Een gedegen voorbeschouwing op de Ronde van Lombardije valt niet mee, nu Tadej niet meedoet


Auteur: Bert Wagendorp

Met de 120e editie van de Ronde van Lombardije zit ook het seizoen van de voorbeschouwers erop. De ‘Koers van de vallende bladeren’ (La corsa delle foglie morte) was qua voorbeschouwing de afgelopen jaren een eitje: Tadej Pogacar won de vijf recentste afleveringen en de voorbeschouwers konden zodoende hun voorbeschouwing gevoeglijk ophangen aan de Sloveense alleseter, die zelfs aan het eind van elk seizoen nog wel zin had in een lekker Lombardijns hapje.

Het voorbeschouwersseizoen valt dit jaar op te delen in twee verschillende helften. Tot hij viel in de Ronde van Spanje konden de voorbeschouwers alleen nog scoren met het antwoord op de vraag: wie wordt er tweede achter Tadej Pogacar. Een vraag die gaandeweg het seizoen steeds boeiender werd, boeiender in elk geval dan de vraag die doorgaans centraal staat in voorbeschouwingen.

Maar tegelijkertijd was het ook zo: deed Pogacar niet mee met de voor te beschouwen koers, dan degradeerde dat de koers en daarmee de voorbeschouwing. Dit jaar was bijvoorbeeld de voorbeschouwing op de Amstel Gold Race amper interessant, ook al zou je juist verwachten dat hij, bij afwezigheid van de zekere winnaar, aan belang zou winnen en gretig aftrek zou vinden. Dat is niet het geval. Net als de koers staat of valt ook de voorbeschouwing bij de gemiddelde kwaliteit van de genoemde kanshebbers.

Ik heb dit jaar zelf de nodige voorbeschouwingen geschreven en ik moet eerlijk zeggen dat de voorbeschouwing door het gemak van de voorspelling aan inflatie onderhevig is. Menigmaal voorspelde ik Tadej Pogacar als winnaar, een voorspelling die menigmaal accuraat bleek. Alleen in Parijs-Roubaix zat ik er één podiumtrede naast.

Is voorbeschouwen hetzelfde als de einduitslag voorspellen? Uiteraard niet. De zichzelf respecterende voorbeschouwer onderwerpt om te beginnen het parkoers aan een gedetailleerde inspectie. Nadat hij zodoende de hoogtemeters in kaart heeft gebracht en de cruciale punten in de route, gaat hij daarmee aan de slag en beschouwt het komende strijdgewoel voor. Hoe liggen de kansen van een vroege vluchter? Is er de mogelijkheid van een kleine kopgroep die het onderling gaat uitmaken?

Daarna onderwerpt de voorbeschouwer het deelnemersveld aan een nauwkeurige inspectie. Wie zijn de dark horses? Welke coureur heeft er de voorgaande dagen in mindere en niet voorbeschouwde koersen van zich doen spreken? Hoe zit het met de gezondheid van in potentie kansrijke renners? Dit moet allemaal in het voorbeschouwingsplaatje worden meegenomen voor sprake is van een gezaghebbende voorbeschouwing.

Meestal volgt uit een en ander dat de overwinning zeker naar Pogacar zal gaan. Uiteraard mits hij meedoet en hij niet door ongemak wordt getroffen. Doet hij niet mee of blijft hij niet voor pech gespaard, dan wordt het formuleren van een scenario B ingewikkelder. Uiteraard is Mathieu van der Poel ook altijd een zekerheidje voor menig voorbeschouwer: met de formulering ‘Mathieu gaat zich zeker in het gevecht mengen’ zit je in de meeste gevallen goed.

Dan komen we nu bij de voorbeschouwing op de Giro della Lombardia. Die loopt dit jaar van Bergamo naar Como, over 239 kilometer. Er zijn maar liefst 4845 hoogtemeters te overwinnen, hetgeen een groot aantal deelnemers bij voorbaat kansloos maakt. Die doen alleen mee ter ere van de Madonna del Ghisallo, door Paus Pius XII officieel benoemd tot beschermheilige van de wielrenners.

Maar, weet de voorbeschouwer, de groep kanshebbers blijft niettemin groot. Ik noem in de eerste plaats een Isaac del Toro, de jonge uitvoering van Tadej Pogacar. Diens ploeggenoot Brendan McNulthy moet ook niet kansloog worden geacht in zijn regenboogtrui. Ook Remco Evenepoel zal zich willen laten zien, evenals Tom Pidcock. Na zijn indrukwekkende zege in Tre Valle Varesine moeten we Jarno Widar ook niet onderschatten. Giulio Ciccone zal in stijl afscheid willen nemen van zijn ploeg Lidl-Trek en als Quin Simmons de kans krijgt is hij vertrokken. En dan heb ik Ayuso, Roglic en Arensman nog niet eens genoemd – en nu dus wel.

Maar aan het eind van het seizoen, als met de vallende bladeren de herfst definitief zijn droefgeestige entree heeft gemaakt, verwacht ik toch dat één man zich zal wreken voor zijn mislukte WK en dat hij de kroon zal willen zetten op zijn succesvolle debuutjaar als groot renner. Hij is nog geen zekerheidje voor de inmiddels wat vermoeide voorbeschouwer, maar met Paul Seixas kun je er nooit ver naast zitten.

Tot zover deze voorbeschouwing.

Ronde Van Lombardije

Foto: Cor Vos 

Leave a Reply