WAAROM ERIK BREUKINK IS WIE HIJ IS


 


De afspraak was snel gemaakt: op zaterdagmiddag, in het rennershotel. Hij vroeg: ‘Heb je lang nodig?’
Ik weet nog dat ik eigenlijk had willen zeggen: ‘Waarschijnlijk wel uren,’ maar ik haalde mijn schouders op: geen idee. Ik wilde een paar dingen van hem weten. Over zijn net gemiste rondezeges van nu twintig jaar terug en vooral over zijn karakter van toen en dat van nu. Want dat, zo was ter redactievergadering naar voren gekomen, was aan verduidelijking en wellicht wel verklaring toe.
Waarom was hij wie hij was en was de technisch directeur Erik Breukink het vervolg van de renner Erik Breukink?
Ik kende hem redelijk goed. Ik had zijn hele loopbaan meegemaakt en hij had een aantal jaren naast me gezeten toen de nos juist in hem een goede analist zag: zacht, welbespraakt, nog niet te lang weg uit het peloton en intelligent. In die jaren werd hij, licht spottend, wel ‘de ideale schoonzoon’ genoemd.
Er viel, bedacht ik weleens, heel weinig op hem aan te merken; zijn karakter was als zijn uiterlijk, zo leek het: gaaf, beschaafd, rustig.
In Italië kon je het best met hem aankomen, daar droegen de wielermensen hem op handen. Zijn heldenritten door de Dolomieten waren voor de tifosi het bewijs van meer dan goed gedrag geweest. En in Italië geldt: eenmaal roze, altijd roze. In Spanje redde hij zich door goed en lenig Spaans met de Spanjaarden te spreken en niemand in Frankrijk, nam ik toch maar aan, wist van de huiskamervraag aller huiskamervragen in de Nederlandse fietswereld: welke Nederlander droeg als laatste de gele trui in La Grande Boucle?
De renner Erik Breukink was, tot de tweede week van juli 1991, de allerbeste tijdrijder ter wereld. Op de fiets was hij een toonbeeld van esthetiek: strak, slank, met een pedaaltred en rugvoering waar Rodin en Rembrandt voor getekend zouden hebben.
Met zijn eerlijke oogopslag, zijn goudkleurig behaarde armen en zachte stem was hij ‘a walking feminine dream’, zoals ik ooit een keer de vrouw van een Amerikaanse renner over hem hoorde zeggen. Pardon? Het ging, zo zei de vrouw, puur om zijn uitstraling, een bijna jongensachtige sexappeal waar je als vrouw je ogen niet vanaf kon houden.

You need to be logged in to see this part of the content. Please Login to access.

MART SMEETS


Eerder gepubliceerd in De Muur nummer 37.

Leave a Reply